Het fenomeen kamperen heb ik nooit begrepen. Met een wc-rol onder de arm de openbare schijtbakken trotseren, bierbuiken staren en je kont niet kunnen keren in tent of caravan zonder de lichaamsdelen van anderen te raken. De dikke van Dale geeft aan dat ‘vakantie’ gedefinieerd wordt als een tijdelijk verblijf buiten de eigen woonomgeving ter ontspanning. Kamperen vakantie noemen, vind ik dan ook nogal moedig. De hernia die je oploopt in je krakkemikkige campingstoeltje lijkt mij allesbehalve relaxed en vrijwillig slapen in iets dat tien keer kleiner is dan je eigen slaapkamer, snap ik überhaupt al niet.

Het toeval wil dat ik enkele mensen ken die zweren bij kamperen. Jaar in jaar uit verruilen ze voor de lol (ja, echt) hun fijne huis voor een tentje, slaapzakken en een beroerde nachtrust. Hoewel ik aanvankelijk zwoer geen voet op campinggebied te zetten, heeft een kennis me toch overtuigd af te reizen naar een heuse camping. De aanblik van de buurman die voor zijn tent in volle glorie enthousiast stond te zwaaien (hoi, bungelend harig lichaamsdeel) en vervolgens in een vieze onderbroek aan zijn tocht naar de bacillendouche begon, was al niet zo’n smakelijk begin. Toen mijn kennis daarna voorstelde om de rest van de camping te bekijken, sjokte ik met lood in de schoenen achter haar aan. Alsof de omgeving nog niet deprimerend genoeg was, ging de zon pertinent met pensioen en werd het campingleven rijkelijk beloond met storm en regenbuien.

Tentjes werden van de grond getild, barbecuetjes doofden, kleren en handdoeken werden natgeregend en hele gezinnen zochten onderdak in de krappe caravan van meneer bierbuik twee meter verderop. Als ik niet beter wist, leek het einde van de wereld in zicht. Ik kan alle kampeerders en kampeerders in spe dan ook ten zeerste aanraden de term vakantie ditmaal eer aan te doen. Ga voor ontspanning in plaats van extra spanning. Kopzorgen zijn voor de rest van het jaar. Je kunt tegenwoordig zo goedkoop vliegen, daar koop je nog geen tent voor! De overgang is natuurlijk immens groot, maar één ding biedt de echte die-hards troost: je kunt nog altijd je eigen WC-rollen meenemen.

Gepubliceerd door Alleen maar nette verhalen

Eefje van den Berg

Plaats een reactie